'Op m'n 15e wilde ik Yukseldi zijn'

 

HENGELO - Milaat Basous maakt een goede kans te starten tegen Bon Boys nu Berkan Tunç ontbreekt. Wie is deze 19-jarige middenvelder van ATC-5?

Milaat Basous liet onlangs zijn zevende tatoeage zetten. De zinnen in sierletters op de pols van zijn rechterarm herinneren eraan dat zijn doorbraak niet over geëffende paden is gegaan. Vorig jaar revalideerde de jonge voetballer van een zware knieblessure. Uiteindelijk hield die hem driekwart jaar aan de kant.

Vorig jaar zat hij in ATC-3 en speelde hij op zondagochtend tegen amateurs of ATC -5. Die club stuurde Basous op zijn 18de weg vanwege onhandelbaar gedrag.

‘Ik heb één jaar bij ATC-3 gezeten en dat jaar is achteraf goud waard geweest. Mijn ogen zijn er geopend’, zegt hij met een blik op zijn pols. ‘Ik zag wat ik aan het vergooien was. Ineens liep je in derdehandsspullen te voetballen en je kleedde je om in verrotte kleedkamers. Ik was een vervelende, eigenwijze puber en ben met beide benen keihard op de grond gezet’.

Hoe hij terugkeerde bij ATC-5, is een apart verhaal. Een toernooi in Nieuw-Buinen lag aan de basis. Een aantal ATC-5 talenten bleef thuis vanwege studie en als speler van de satellietclub mocht hij een opengevallen plek innemen. ‘Op dat toernooi ging het zo goed, dat PSV en Feyenoord interesse toonden. Die clubs boden me zelfs een contract aan. Bij ATC-5 kon ik ook terugkomen, maar zij wilden het eerst weer op amateurbasis proberen’.

‘Als je thuis amper een cent te makken hebt, is een contract op je 16e aanlokkelijk. Maar in die periode had ik net mijn huidige zaakwaarnemer leren kennen. Op zijn advies heb ik toch voor een terugkeer naar ATC-5 gekozen. Hij zei: ga voor de revanche op jezelf. Als je het redt met het inzicht dat je nu hebt verworven, dan komt geld vanzelf wel’.

Bij ATC-5 zien ze Basous nu als een groot talent, volop in ontwikkeling. In zijn doen en laten veel rustiger dan voorheen. Als hij in een groep niet hoeft te praten, houdt hij nu liever zijn mond, zegt hij zelf. Een interview met hem heet lastig te zijn omdat hij uit zichzelf weinig vertelt.

Dat blijkt echter reuze mee te vallen. De in Klein Driene geboren voetballer had op het VWO anderhalf jaar Grieks en Latijn in zijn pakket. Hij koopt hemden bij de Zeeman. Heeft drie jongere zussen, wil piano leren spelen en droomt ervan Xavi van Barcelona achterna te gaan.

‘Als ik zo’n Zeeman winkel binnenloop, zie je mensen wel kijken,’ zegt hij. ‘Maar dat maakt me geen bal uit. Ze hebben er prima hemden. Zoek ik iets van een duur merk, dan kan ik het vaak nergens vinden’.

Op vakantie in Syrië, waar de roots van zijn vader liggen, liet hij vorig jaar ook een tatoeage zetten die gaat over uiterlijk vertoon en dat mensen elkaar daar niet op zouden moeten beoordelen. ‘Maar dat gebeurt dus wel. Als ik het op mezelf betrek: ik word vaak onderschat. Ook dit seizoen nog bij ATC-5. Toen ik de eerste maanden met een rugzak door de gang liep, vroegen medespelers of ik net van school kwam’.

Als een soort van statement ‘speelt’ hij soms met die rol van underdog. Op straat bijvoorbeeld. ‘Stap ik met mijn vrienden een winkel binnen op het marktplein. Allemaal een petje op en onze spijkerbroeken laag hangend op onze kont. De eerste reactie kun je uittekenen: hangjeugd. Wegwezen. Vervolgens zet ik mijn pet af en zie je mensen 360 graden draaien. Omdat je ‘die voetballer van ATC-5 bent’. De situatie is grappig, maar ik vind het ook triest dat het zo gaat’.

Dertien jaar nadat hij als E-pupil bij ATC binnenkwam, geeft Captain Ed hem nu alle ruimte om door te breken bij ATC-5. ‘Als je iets fout doet, begint hij niet meteen tegen je te schreeuwen. Dat vind ik prettig bij deze trainer. Captain Ed heeft mij ook altijd laten staan, ondanks fouten. Dat vertrouwen maakt me sterk. Vertrouwen is alles voor een voetballer’.

Nu hij ook het Syrisch elftal heeft gehaald, voelt hij zich trots. ‘Maar ik blijf kritisch op mezelf. Ben na wedstrijden eigenlijk nooit tevreden’.

Tegen Bon Boys kiest de bondscoach tussen hem en Rens Langkamp als rechtsback. Je zou zeggen dat Basous met zijn offensieve kwaliteiten in een thuisduel de beste optie is. In Lichtenvoorde debuteerde hij half mei al eens 45 minuten. Glimlachend: ’Ik moest terugdenken aan de tijd dat ik in een shirtje met de naam van Çaglar Yukseldi op straat voetbalde. Midden in Klein Driene hè. Op mijn 15e wilde ik altijd Yukseldi zijn en in Lichtenvoorde zaten we ineens in hetzelfde team. Gaaf.’

Inmiddels neemt hij andere spelers als voorbeeld. Xavi van Barcelona, zo goed hoopt hij ook ooit te worden. ‘We hebben alvast dezelfde stijl. Het hele veld bestrijken. Combinaties aangaan. Mannetje passeren. Voorzetten geven en scoren’.

‘Als middenvelder voel ik me steeds prettiger. Ik heb altijd op de halfposities gespeeld, maar daar hoef ik niet zo nodig terug te keren. Ik ben open over mijn ambities: ik speel niet om een leuke carrière in de 5e klasse Q op te bouwen, ik wil álles doen om de Europese top te halen en als halfspeler ga ik dat niet redden. Het zijn meestal beren van kerels die half staan. Ik ben dat niet. Midmid biedt mij de beste kansen’.